zondag 15 april 2012

Flarden

Soms dan komen er flarden uit een verhaal omhoog. Flarden van een verhaal waarvan de rest nog niet bestaat. Dit is zo'n flard: bij deze dus.

Haar ogen zijn prachtig glazig. Of nee, dat heeft een nare bijsmaak; ze zijn van kristal. Fonkel wit, en helder kristal met een zachte ijsblauwe gloed in het midden. Knallers zijn het. Echte, glinsterende knallers die mij van mijn stuk hebben weten te brengen en die op mijn eigen netvlies gebrand staan. En in een eeuwig durende knippering staat mijn tijd stil, dooft het licht dat ze uitstralen en probeert mijn iris te wennen aan de duisternis. Maar dan verschijnt het weer, eerst gefilterd door wimpers, maar dan weer zonder schroom. Mijn ogen knijpen zich samen, niet bestand tegen het geweld van licht. Als ik het kon, als ik het zou mogen, zou ik haar verbieden om te slapen; verbieden om ons, om mij in deze duisternis achter te laten.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten